In de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, kortweg de Wgbh/cz, is geregeld dat mensen met een handicap of chronische ziekte net als ieder ander behandeld moeten worden. De wet beschermt tegen discriminatie. Er mag geen direct of indirect onderscheid worden gemaakt. Alle langdurige lichamelijke, verstandelijke en psychische beperking vallen onder de wet.

De wet geldt nu voor de terreinen werk, wonen, onderwijs en vervoer.

Werk
Iedere werknemer met een handicap of chronische ziekte heeft recht op gelijke behandeling. Dat geldt ook voor sollicitanten, tijdelijke werknemers, stagiaires en vrijwilligers. Werkgevers, uitzendbureaus, headhunters en selectiebureaus zijn verplicht om mensen met een handicap of chronische ziekte een gelijke kans te bieden. Ook de vrije beroepen vallen onder de wet.
Een werkgever is verplicht om te zorgen voor eventuele aanpassingen voor een werknemer. Zo’n aanpassing moet geschikt en noodzakelijk zijn en mag geen onevenredige belasting voor de werkgever vormen. De werkgever kan hiervoor subsidie aanvragen bij het UWV.

Onderwijs
Met ingang van het schooljaar 2009-2010 geldt de Wgbh/cz voor al het onderwijs in Nederland. Ongeacht of het openbaar of bijzonder onderwijs is, ongeacht of het publiek of particulier onderwijs is. Vanaf 2003 gold de wet al voor het beroepsonderwijs, praktijkonderwijs en hoger onderwijs. Per 1 augustus 2009 zijn daar het basisonderwijs en voortgezet onderwijs bijgekomen. Alleen voor het speciaal onderwijs is de Wgbh/cz niet van kracht.
De wet geldt voor alle onderdelen van het onderwijs, de toegang, de lessen, de stages, de examens enz. Het feit dat de leerling in de toekomst het beroep niet zal kunnen uitoefenen is geen reden om de beroepsopleiding te weigeren.
Wat aanpassingen betreft geldt ook hier: zo’n aanpassing moet geschikt en noodzakelijk zijn en mag geen onevenredige belasting voor de werkgever vormen.

Openbaar vervoer
Mensen met een handicap of chronische ziekte moeten zo veel mogelijk zelfstandig gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer. Loketten en betaalautomaten moeten toegankelijk zijn, de reisinformatie moet ook te verkrijgen zijn voor mensen met een visuele beperking en iedereen moet zonder hindernis het vervoermiddel in en uit kunnen. Vervoerders hoeven niet voor begeleiding bij het vervoer te zorgen.
Nieuwe voorzieningen moeten voldoen aan de toegankelijkheidseisen. Gezien de kosten die ermee gemoeid zijn worden bestaande voorzieningen geleidelijk en stapsgewijs aangepast:
• Per 2010 is bijna 100% van de stads- en streekbussen toegankelijk.
• Na 2010 worden de andere bestaande vervoermiddelen, stations en haltes bij renovatie aangepast.
• Uiterlijk in 2015 moet van alle bestaande bushaltes de helft toegankelijk zijn gemaakt, dat betekent landelijk gezien dat 70% van de reizen toegankelijk is.
• Ook moet eind 2015 de ov-reisinformatie over toegankelijkheid van vervoer-voorzieningen gereed zijn.
• Uiterlijk in 2030 moeten treinreizen voor gehandicapten toegankelijk zijn.


Wonen
Mensen met een handicap of chronische ziekte hebben bij het huren of kopen van woningen recht op aanpassingen. Zo worden hun dezelfde kansen geboden om volwaardig aan de samenleving deel te nemen als aan mensen zonder handicap of chronische ziekte. Het gaat vaak om relatief simpele aanpassingen, zoals voor iedereen toegankelijke informatieverstrekking. Ook het plaatsen van een scootmobiel op een toegankelijke plek behoort tot de aanpassingen. De wet geldt voor alle aanbieders van woonruimte.
Bouwkundige of woontechnische aanpassingen zijn geregeld in de Wmo.

Meer informatie staat in een overzichtelijke brochure van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Handicap of chronische ziekte? Gelijke behandeling wettelijk geregeld. Gratis verkrijgbaar via www.postbus51.nl, klikken op Documenten en publicaties en trefwoord Gelijke behandeling invoeren.

Mail een vriend
  • Ik wil dit artikel doorsturen naar:
  • *
  • *
  • Mijn gegevens zijn:
  • *
  • *
Geef uw mening
  • *
  • *